PROJECTEN & ACTIVITEITEN / 03
Leisure Revisited Model
Als senior docent Leisure & Events Management heb ik onderzoek gedaan naar de betekenis van het idee van vrijetijd, van 'leisure'. Deze literatuurstudie en meerdere co-creatie sessies met collega's hebben geresulteerd in het Leisure Revisited Model. Hieronder staat de laatste versie. Ook interessant zijn de eerste prototypen die ik met collega Dees Kerklaan heb gemaakt op https://leisurerevisited.hotglue.me
Dit was het allereerste prototype. Ontstaan uit diverse inzichten uit de literatuur die heel mooi bij elkaar bleken te passen.


Het begrip ‘vrije tijd’, zoals we dat in de westerse wereld kennen en waarop de ontwikkeling van de vrijetijdsindustrie en vrijetijdsstudies gebaseerd is, is als gevolg van de industrialisering van de samenleving ontstaan. Met de komst van massa-arbeid, de daarmee gepaard gaande vervreemding van de arbeider van het arbeidsproces en de daarbij behorende afgebakende arbeidstijden, kreeg de massa voor het eerst de beschikking over een specifiek afgebakende niet-arbeidstijd. Binnen die tijd hoefde het individu geen rekenschap af te leggen. Deze tijd werd in zekere zin als vrij ervaren. Veel mensen gaven echter op een manier invulling aan hun verworven vrijheid die de maatschappelijke elite niet verheugde. Het overheidsbeleid richtte zich in de eerste helft van de 20e eeuw daarom voornamelijk op het opvoeden van het volk. Sport en cultuur werden gestimuleerd en gesubsidieerd, omdat ze als positief werden gezien. Zedeloos gedrag werd echter verboden of ontmoedigd. Hiermee kan verklaard worden dat de eerste studies naar vrije tijd in de 20e eeuw vooral vanuit sociaal-cultureel oogpunt werden gedaan (Beckers & Mommaas, 1991). In de tweede helft van de 20e eeuw is de (commerciële) internationale vrijetijdsindustrie tot wasdom gekomen. De welvaartsgroei, toegenomen mobiliteit, ontwikkeling van de massamedia en verbeterde arbeidsvoorwaarden zorgden ervoor dat de invulling van de vrije tijd professionaliseerde en vercommercialiseerde. Deze ontwikkeling kwam vanaf de jaren ’90 in een stroomversnelling. Door neoliberale invloeden trad de overheid grotendeels terug als initiator en beheerder van vrijetijdsaanbod. Sindsdien is de commerciële vrijetijdseconomie echt van de grond gekomen. In het eerste decennium van de 21e eeuw droeg de vrijetijdseconomie naar schatting €75 miljard bij aan de Nederlandse economie (Mulder, 2011), dat is ongeveer 10% van het Nederlandse BNP. In de vloeibaar moderne tijd zijn veel zekerheden en structuren afgebrokkeld en heeft de consument/burger een hoge vorm van individuele vrijheid. Identiteit wordt in toenemende mate gevormd door de individuele keuzes die men kan maken. Dat wil overigens niet zeggen dat men daarmee in alle opzichten een individualistischer wezen wordt. De vorming van gemeenschappen of communities blijft belangrijk, hoewel deze tegenwoordig wel op een andere manier dan in de moderne tijd vorm krijgen. Bij deze nieuwe vormen van identiteitsvorming speelt leisure vaak een centrale rol. Dat concludeert ook Tony Blackshaw, die in zijn boek ‘Leisure’ (2010), het idee van de vloeibare samenleving aan leisure koppelt. Hij stelt dat er sprake is van liquid leisure, waarbij het individu de vrijheid tot zelfidentificatie en betekenisgeving heeft en door middel van leisure zin geeft aan het leven. Hij noemt leisure ‘de kunst van het leven’, een vrij filosofische benadering, maar wel tekenend voor de veranderde rol van leisure in de moderne tijd. Vanuit deze theoretische basis heeft de opleiding het Leisure Revisited Model ontwikkelt, dat helpt om bepaalde denkbeelden, manifestaties, gedragingen, fenomenen of activiteiten in de samenleving te duiden. Het is vervolgens een tool om je te kunnen positioneren ten opzichte van een vraagstuk of opdracht waarmee je als student Leisure & Event Management aan de slag gaat. Achter het model zit een wereld aan theorie, praktijkvoorbeelden en manifestaties vanuit leisure studies, sociologie, antropologie, filosofie, management en psychologie. De perspectieven en achtergronden bij het model vormen de basis voor de ontdekkingstocht die studenten aan gaan tijdens hun leertrajecten. Het Leisure Revisited Model schets de potentiële posities van de mens in vrije( )tijd en kent vier benaderingen: 1. Denken vanuit de vrije ZELF (Pure Vrijetijd) Verwijst naar een persoonlijke, intieme sfeer van vrije tijd die je alleen of met dierbaren doorbrengt. Deze tijd staat in het teken van rust, opladen en zelfreflectie. Het biedt een ruimte zonder externe druk, waarin je activiteiten kunt doen die plezier en voldoening geven — zoals hobby’s of gewoon even niets doen. Het is een veilige, ontspannen omgeving waarin verbinding en ontspanning centraal staan.In de onderstroom wordt het nietsdoen gezienals iets tegendraads of ondeugdzaams. 2. Denken vanuit IK (De kunst van het leven) Heeft betrekking op het bewust vormgeven van je leven door persoonlijke keuzes, met nadruk op autonomie, zelfontwikkeling en zingeving. Binnen deze sfeer van vrije tijd kies je activiteiten die bijdragen aan je welzijn, identiteit en sociale status. Denk aan quasi professionele hobby’s, creatieve bezigheden of sport, beïnvloed door subculturen, vriendschappen en maatschappelijke normen. Dit domein speelt een belangrijke rol in het creëren van een levensstijl die past bij je unieke identiteit en ambities. Deze activiteiten kunnen door mensen buitenje groep ook als afwijkend worden gezien. 3. Denken vanuit WIJ (Maatschappelijk betrokken vrijetijd) Omvat activiteiten die bijdragen aan het welzijn van de gemeenschap of maatschappelijke doelen. Het slaat een brug tussen persoonlijke voldoening en collectieve verantwoordelijkheid. Denk aan vrijwilligerswerk, buurtprojecten en het steunen van initiatieven rond sociale rechtvaardigheid of duurzaamheid. In tegenstelling tot persoonlijke vrije tijd, bevordert de ‘civic leisure’ sociale samenhang, gedeelde waarden en een gevoel van gezamenlijke zingeving. Het benadrukt de rol van het individu in het versterken van het sociale weefsel.Het collectief gaat hier soms ook juist integen de gevestigde (politieke) orde. 4. Denken vanuit WERK & INKOMEN (Institutionele Vrijetijd) Verwijst naar vrijetijdsactiviteiten die worden georganiseerd door instellingen zoals bedrijven, ziekenhuizen of scholen, waarbij werk en vrije tijd vaak in elkaar overlopen. Deze activiteiten zijn ontworpen om institutionele doelen te ondersteunen, zoals het verhogen van productiviteit of het verbeteren van welzijn. Voorbeelden zijn teambuilding, gezondheidsprogramma’s en recreatieve uitjes. Hoewel ze plezier bieden, dienen ze uiteindelijk het belang van de organisatie door persoonlijke voldoening te koppelen aan organisatie doelstellingen. Als werk (en zorg) geen ruimte laat voor vrijetijd, zit je gevangen in een wereld van precaire arbeid en wellicht een strijd om vrijetijd. We zouden de cirkel rond kunnen maken door verzorging, voeding en slapen toe te voegen. Dit kan worden gezien als onvrije tijd die nodig is voor een gezonde bijdrage aan de maatschappij, of als vrije tijd die je invult volgens jouw eigen levensvisie. Deze levensvisie roept de vraag op of vrije tijd wordt bekeken vanuit de heersende norm of vanuit alternatieve perspectieven. Op persoonlijk niveau wordt vrije tijd beïnvloed door culturele achtergronden, terwijl op maatschappelijk niveau het tijdsbeeld, politieke context en geschiedenis bepalen wat als normale of abnormale vrije tijd wordt ervaren. De norm kan variëren per land of continent. Met deze achtergronden kunnen studenten en docenten Leisure & Events Management een uitgangspositie innemen om betekenisvolle ingrepen te doen die waarde creëren. In deze context kunnen zij zich ontwikkelen, verbinden, innoveren en programmeren, altijd met aandacht voor de waarde van vrije tijd. Die kijk op het leven leidt tot een belangrijke positionering van leisure. Leisure kan bekeken worden vanuit de heersende norm, maar ook vanuit alternatieve benaderingen zoals tegenbewegingen, onderstromen, next practices en new frontiers. Het is belangrijk om te begrijpen hoe vrije tijd binnen verschillende contexten en visies geplaatst wordt, waarbij de maatschappelijke en culturele invloeden een cruciale rol spelen in de vormgeving van wat leisure betekent en hoe deze ervaren wordt. Op persoonlijk niveau wordt leisure mogelijk beïnvloed door een culturele achtergrond, gestoold op bijvoorbeeld etniciteit, religie of een subcultuur. Op maatschappelijk niveau speelt het tijdsbeeld, de politieke kleur en de geschiedenis van een land mee bij het bepalen van wat normale en abnormale leisure is. De norm verschuift waarschijnlijk als we ons bewegen over de continenten van de wereld. De invulling van vrije tijd en de betekenis die daaraan verleend wordt is verschillend in Portland, Toronto, Genua, Addis Abeba, Johannesburg, Istanbul, Teheran, Astana, Mumbai, Tokyo of Rotterdam. Als deze achtergronden en lijnen worden meegenomen, kunnen de student en docent Leisure & Events Management een uitgangspositie innemen om van daaruit op ontdekkingsreis te gaan; op zoek naar betekenisvolle ingrepen die tot waardecreatie leiden. In die wereld kan worden ontwikkeld, verbonden, geïnnoveerd en geprogrammeerd. Altijd vanuit de waarde van vrije( )tijd.